Jan Egbertsen, Hoofd commerciële adviesafdeling Gemeentelijk Havenbedrijf Amsterdam:

De Amsterdamse havenregio op het goede spoor!

Maandag, 21 februari 2005, 00:00

Door innovatieve ideeën is vervoer per spoor de afgelopen jaren flexibeler geworden, maar er is zeker nog een weg te gaan.

Aan zeelading doet de regio ca. 74 mlj ton (2004). Van het nationale en internationale achterlandvervoer neemt rail met meer dan 4 mlj ton ca. 5% voor zijn rekening. Vergeleken met binnenvaart (45%) en weg (50%) lijkt het in eerste instantie alsof het spoor als achterlandmodaliteit minder van belang zou zijn. Echter niets is minder waar. Wanneer naar het internationale achterlandvervoer gekeken wordt, dus op de langere afstand, dan heeft rail 15% marktaandeel, evenveel als het wegvervoer. Wanneer de groei over de afgelopen 4 jaren bekeken wordt, dan staat rail als groei modaliteit bovenaan. Met 25% groei over de afgelopen 4 jaar. Belangrijke producten die per spoor vervoerd worden in onze regio zijn kolen, olieproducten, staalproducten, mineralen, stukgoed en containers.

Dat binnenvaart voor de Amsterdamse haven belangrijk is, is niet zo onverwacht. We hebben met het Amsterdam Rijn kanaal goede verbindingen met de Rijn en daarmee met het Duitse achterland. Echter niet iedere regio in het achterland is per binnenvaart bereikbaar. Voor bijvoorbeeld Oostenrijk, Zwitserland en Italië is spoor natuurlijk beter geschikt dan binnenvaart. Short sea geeft ook goede mogelijkheden. Zeker op verdere afstanden, zoals naar de Baltische staten en Rusland. Echter voor Polen is spoor een beter alternatief dan short sea. Een haven moet zich dan ook niet richten op één modaliteit voor haar achterlandverbindingen, maar op een gezonde mix van short sea, rail, binnenvaart en weg.

Maar hoe krijg je nu meer goederenvervoer op het spoor en welke rol kun je als havenbedrijf daarin spelen. Eerst over de rol van een havenbedrijf. Wij vervoeren geen goederen. Wij maken dus ook niet de keuze welke modaliteit gebruikt zal worden. Onze rol is dus meer ondersteunend, stimulerend en faciliterend. Natuurlijk heeft een havenbedrijf een belangrijke rol als het gaat om de aanleg van infrastructuur. Bedrijfsaansluitingen zoals bij de All Weather Terminal. Hiermee is de eerste terminal in Europa tot stand gekomen, waarin overdekt zowel short sea, binnenvaart, rail als weg beladen en gelost kan worden. We hebben actief gelobbyd om de aansluiting vanuit Amsterdam op de Betuweroute bij Geldermalsen op de kaart te houden. Dat is gelukt. We zijn lid geworden van het railcargo voorlichtingsbureau. In de regio is regelmatig overleg met de grote verladers en logistiek dienstverleners over hoe krijgen we meer vervoer van weg naar rail. Maar de uiteindelijke keuze ligt toch bij de ladingeigenaar. Indien deze voldoende lading heeft om zelf een trein te huren, dan is de keuze vaak snel gemaakt. Bijvoorbeeld in geval van kolen en olieproducten kan de verlader zelf een volledig treinstel inschakelen. Maar hoe krijg je nu al die ‘losse’ vrachtwagen op het spoor. Iedere vrachtwagen heeft een eigen bestemming en herkomst. Er is dan veel coördinatie en afstemming nodig om alle losse eindjes samen te brengen tot een concrete railshuttle. Dit kun je als havenbedrijf niet alleen doen, dat vraagt nauwe samenwerking met railoperators, lokaal bedrijfsleven en terminals. Zowel in Amsterdam als aan de andere kant van de lijn. Optimodal heeft aangetoond dat het toch kan. Een regelmatige trein tussen Amsterdam en Rotterdam en in Rotterdam kun je dan aansluiten op andere lijnen die vanuit Rotterdam vertrekken.

En dan valt op dat het railproduct nog steeds geen optimale bekendheid geniet. Rail wordt veelal door de verlader en de logistiek dienstverlener nog steeds gezien als duur, langzaam en inefficiënt. Deze opmerkingen zijn deels nog wel terecht, maar er is de afgelopen jaren wel een duidelijke verbetering gerealiseerd. Toch kampt het rail goederenvervoer nog steeds met dit oude imago.

Over het vervoer van bulkgoederen per spoor maak ik mij geen zorgen. Ook niet over het vervoer van maritieme containers. Deze producten hebben zich zelf bewezen. Echter de truck op het spoor te krijgen, en dat niet alleen in de zeehavens, maar ook elders in Nederland, dat is de uitdaging voor de toekomst van het rail goederenvervoer.