Anthon Timm, managing director, Optimodal BV Rotterdam:

Fabels

Donderdag, 7 juli 2005, 00:00

“Het lijkt welhaast vanzelfsprekend om in een column over het goederenvervoer per spoor louter negatief over dit onderwerp te spreken. Over hoge prijzen, een slechte performance, vertraging bij de terminals en wat al niet meer. Nu kan ik daar heus nog wel een schepje bovenop doen, maar daar voel ik weinig voor.

Ik zou graag het positieve voor het voetlicht willen brengen. Want we maken in Nederland, wat betreft het railgoederenvervoer, een bijzondere groei door: tegen de stroom van de economische malaise in. Dat gebeurt niet zomaar, daar zijn bedrijfseconomische redenen voor. Zo kan ik het fabeltje dat goederenvervoer alleen op de lange afstand rendabel is, direct naar de prullenmand verwijzen. Het bewijs ligt op tafel: onze dagelijkse containershuttle tussen Rotterdam Maasvlakte en Moerdijk – een afstandje van nog geen 70 kilometer - kan zich in een grote belangstelling verheugen.

Wat is de kracht van deze verbinding? In hele korte tijd is de container gelost op Moerdijk en kan dan direct weer terug naar de Maasvlakte. Dat voorkomt dat de klant extra kosten voor huur op zijn bordje krijgt. En vergelijk het spoorproduct eens met een vrachtwagen: die kan tussen Maasvlakte en Moerdijk in 8 uur hooguit twee ritjes met een container maken. Dan moet-ie nog geen files tegenkomen of vertraging oplopen bij de afhandeling op de terminal. Prijstechnisch blijkt het spoorvervoer zo toch heel interessant te kunnen worden.

Niet veel verder dan Moerdijk - maar wel de andere kant op - daar ligt Amsterdam. Begin augustus leggen bij de Ceres Paragon Terminal de eerste zeeschepen aan. Wij voeren de containers af naar Rotterdam, waar ze dezelfde dag nog op een internationale railshuttle een plekje vinden naar alle windstreken van Europa. Bijvoorbeeld op een van onze eigen dagelijkse shuttles naar Basel of Zürich, waarvan we de capaciteit onlangs flink hebben moeten uitbreiden. Of op de trein via het Duitse Herne naar Sopron in Hongarije en vandaar verder naar alle mogelijke bestemmingen in de Balkan, Griekenland en Turkije. En laat ik niet vergeten onze treinen te noemen naar Oost-Europa en het GOS, de voormalige Sovjet-republieken.

Deze treinen die twee keer per week vertrekken, kenden vorig jaar een groei van bijna 10 procent. En betrouwbaar is deze verbinding zeker. Ik stuur liever een container naar Mongolië dan een container naar het zuiden van Italië. Dan ben ik er veel meer van overtuigd dat die op tijd aankomt... Ook dit is echt geen fabeltje.”