Eric Nooijen, directeur Osse Overslag Centrale:

“Het spoor is een bindende factor”

Vrijdag, 30 oktober 2009, 00:00

“Het spoor is een bindende factor”

De Osse Overslag Centrale is sinds oktober trimodaal dankzij de ingebruikname van een spoorverbinding. Het behandelen van een eerste trein met 22 silowagens die waren geladen met ruim duizend ton bietenpulp in de vorm van pellets, is uitstekend verlopen. We zullen nog wel wat moeten leren in het proces, maar de mogelijkheden van de terminal zijn enorm uitgebreid.

De spoorverbinding is voor de OOC belangrijk. Onze terminal is gevestigd in een gebied met een hoge dichtheid aan fabrikanten van onder andere mengvoeders en voor hen is het heel interessant om nu dicht bij huis een trimodaal overslagpunt te hebben. De transportafstanden zijn daardoor veel korter. Het is niet meer nodig om de goederen eerst naar Rotterdam te verschepen en dan weer deze kant op.

Dankzij de nieuwe aansluiting kunnen we een heel korte slag maken tussen spoor en water. Dit biedt ons grote mogelijkheden, omdat ons bedieningsgebied nu vele malen groter is dan wanneer we alleen maar per binnenvaart bereikbaar zijn. We kunnen nu lading vanuit Europa knopen aan lading in Nederland en overzees, zeker omdat we ook containerverkeer bieden. Zo kunnen we ook bulk en containers met elkaar in verband brengen. Omdat we een openbare terminal zijn, kan iedere verlader of logistieke dienstverlener ervan gebruikmaken, zowel voor bulk- als voor containerlading.

De vraag rijst misschien waarom we dat nu pas doen, als de marktvraag zo duidelijk aanwezig is. Maar in de afgelopen jaren stond het spoor als vervoerswijze niet zo in de belangstelling. De laatste tijd is er een kentering. De spoormarkt wordt interessanter voor binnenlandse regio’s en het karakter van het spoor is veranderd van huisaansluitingen naar verbindingen tussen terminals onderling.

Alle betrokken partijen zien het belang van deze terminal. We hebben de volle medewerking van de provincie, van de gemeente en van Prorail. Ik ben zeer tevreden over de inzet van deze partijen om dit tot een succes te maken. Dat neemt niet weg dat er altijd wensen blijven. Ik zou bijvoorbeeld graag zien dat er meer werk werd gemaakt van de overwegbeveiliging. Dat moet geen maanden hoeven duren.

Verder zou het enorm helpen als er meer opstelruimte voor de terminal was. In Oss-centrum zijn twee elektrisch ontsloten opstelsporen. Dat betekent dat er voor de aan- en afvoer van treinen (bij meerdere treinen per dag) een strakke afstemming nodig is tussen vervoerders. Het is wenselijk om meer elektrisch ontsloten opstelspoor ter beschikking te hebben in de nabijheid, maar tegelijkertijd is het beter zulke zaken vorm te geven buiten de stadscentra.

Vanaf Oss centrum rangeert OOC met een dieselloc van RRF de treinen naar de terminal. Op die wijze is het vervoerssysteem toch zeer flexibel en het proces goed te sturen. Maar ook op de Elzenburgsporen in de haven zou extra opstelruimte voor het kunnen afhandelen van meerdere treinen per dag wenselijk zijn.

Wanneer je als terminal het spoor gaat ontwikkelen, moet je goed kijken of er ook ruimte is voor toekomstige groei. Ik denk dat alle partijen hier die benodigde ruimte zien. We kunnen het spoorvervoer doorontwikkelen en dan zal de belangstelling verder toenemen. We hebben zeer nauw contact met alle logistieke dienstverleners en verladers in deze regio. De ambitie is dan ook om naast de bulktreinen ook tot reguliere lijndiensten voor intermodaal vervoer te komen. De terminal is er klaar voor en het spoor is daarbij een bindende factor.”

Eric Nooijen

Directeur Osse Overslag Centrale