Wessel Sijl, manager vervoerswetgeving & douanezaken Railion Nederland NV:

Nieuw COTIF maakt meer mogelijk

Dinsdag, 10 mei 2005, 00:00

Het vernieuwde railvervoerverdrag COTIF brengt een aantal veranderingen en verbeteringen voor verladers én vervoerders met zich mee. Laat ik nog even – voordat ik in ga op die veranderingen – de aanleiding voor de verdragsvernieuwing schetsen.

De nieuwe COTIF en de daaronder vallende regelingen zijn toegespitst op een geliberaliseerd spoorvervoer. Zo wordt rekening gehouden met de scheiding van infrastructuur en vervoer. Maar bijvoorbeeld ook met nieuwe, niet traditionele samenwerkingsvormen tussen railvervoerders. Het stelsel van opeenvolgende railvervoerders met gemeenschappelijke verantwoordelijkheid blijft overigens bestaan. Daarnaast komt de nieuwe COTIF tegemoet aan samenwerking tussen contracthoudende railvervoerder en door hem ingeschakelde onderaannemers of tractioneurs.

Een belangrijke verbetering is dat voor- en natransport over de weg naar of van een goederenstation onder regie van de COTIF kan worden afgewikkeld. Ook biedt de nieuwe COTIF, weliswaar onder voorwaarden, de mogelijkheid van de spoorwegvrachtbrief in een papierloze EDI-variant. Een opvallend gegeven is verder dat de CIM, het voor railgoederenvervoer belangrijkste onderdeel van de nieuwe COTIF, zaken minder verregaand regelt als in zijn huidige variant; er wordt van uit gegaan dat dit binnen de grenzen van de CIM in contracten wordt geregeld. Tussen contracthoudende railvervoerder en diens klant, alsmede tussen samenwerkende railvervoerders onderling. Deze contracten, vooral die tussen railvervoerder en diens klant, gaan in betekenis toenemen en zullen meer omvatten. Op het eerste gezicht lijkt dat een verslechtering, maar naar mijn mening  biedt het partijen juist méér ondernemingsvrijheid. En kan een contract tot “maatwerk” worden opgebouwd. Iets waarvan de mogelijkheden tot dusverre beperkter waren, maar waaraan wel een groeiende behoefte is. De spoorwegvrachtbrief CIM is in de nieuwe situatie dan niet meer het feitelijke vervoerscontract maar het bewijs van een bovenliggend, afgesloten contract. Om die reden verandert de lay-out van de spoorwegvrachtbrief ook fors.

Tenslotte zijn de verschillen met andere modaliteiten verminderd. Ofschoon er rechtsverschillen per vervoersmodaliteit zullen blijven, beidt de nieuwe COTIF meer uniformiteit en transparantie. Met name het intermodale vervoer, waarbij (al of niet achterliggende) opdrachtgevers tot dusverre met afwijkende verdragen rekening moesten houden onder meer inzake verantwoordelijkheid, zal profiteren van deze grotere mate van overzichtelijkheid.

Omdat de tekst van de nieuwe COTIF al in 1999 is aangenomen en er sprake is van een relatief lange rectificatieronde – er zijn sinds 1999 zes jaar versterken - sluit ik niet uit dat voor de nieuwe COTIF zich spoedig de eerste wijzigingen zullen aandienen. Dat neemt niet weg dat naar mening er sprake is van een forse verbetering ten opzichte van de oude situatie. Daarom durf ik de stelling aan: de nieuwe COTIF maakt meer mogelijk.