Carel Robbeson, algemeen directeur Railion Nederland:

Nieuwe horizon

Donderdag, 29 juni 2006, 00:00

In feite is het ongelooflijk: tegen alle verdrukking in groeit het goederenvervoer per spoor in Nederland. Want waar hebben wij als sector niet allemaal mee te maken? Geloof me, als directeur van een railtransportbedrijf, houd ik mij het liefste bezig met klanten, efficiënte productiemodellen, omzet, kosten en resultaat.

Maar de politiek maakt het me niet makkelijk. Zo moet ik zeer veel tijd besteden aan randzaken om de voorwaarden, waarbinnen mijn bedrijf moet opereren, enigszins op peil te houden. Een paar voorbeelden. De routering voor gevaarlijke stoffen dwingt ons te kiezen voor langere routes dan nodig. Geluidsplafonds beperken onze bedrijfsvoering in de nacht. En doordat de Betuweroute in 2007 nog niet voldoende capaciteit zal bieden, moeten goederentreinen op het bestaande spoor de spitsperiodes mijden: dat is tweemaal 4 uur midden op de dag! Dat betekent extra uitwijken naar de nachtelijke uren. En juist op die momenten krijgen we het verzoek onze treinen om te leiden in verband met talloze werkzaamheden. Die onbalans kost handen met geld, zo hoef ik de meeste lezers niet voor te rekenen. Kortom, onze dagelijkse praktijk is van zo’n andere orde dan die voor weg en water, dat ik het niet minder als een wonder beschouw dat we het desondanks goed doen.

Laten we het nu eens omdraaien: stel dat invloed van de economen in Nederland stijgt ten koste van alle regeltjesmakers... Ik voorzie dan een verdere versnelling van de enorme groei van de afgelopen jaren. De Betuweroute ontwikkelt zich tot de ruggengraat van het Nederlandse landtransport als het economisch zwaartepunt van Europa naar het oosten opschuift. Maar ook omdat - door het toenemend belang van China voor de wereldhandel - de Trans-Siberische spoorweg in beeld komt als snel alternatief voor zeetransport. Toekomstmuziek? Nee, ik verwacht dat al in 2008 de eerste reguliere lijndiensten beschikbaar komen. Deze nieuwe horizon die dan binnen bereik komt, zal zijn uitwerking niet missen op het marktaandeel van rail. Harmonisering en interoperabiliteit van het Europese spoor moeten dan wel de volle aandacht blijven houden. Zeker op de aansluitende routes van de Betuweroute, naar Milaan en Oost-Europa. We moeten daarbij niet alleen aan technische obstakels denken. Het gaat ook om heel simpele zaken zoals één Europese spoortaal. Laat de internationale goederenmachinist zich die taal eigen maken en dan heel Europa door. Maakt mij niet uit of het nou Engels, Frans, Duits of voor mijn part Italiaans is. Piloten en luchtverkeersleiders praten over de hele wereld toch ook alleen Engels met elkaar? Ladies en gentlemen, thank you for your attention...’                                                                                                   

Carel Robbeson
algemeen directeur
Railion Nederland