Jan Westerhoud, algemeen directeur ECT:

Sense of urgency

Woensdag, 30 mei 2007, 00:00

Dit is een noodkreet. Wat is er aan de hand? Containers overspoelen de Rotterdamse haven. Dat is uiteraard fijn voor ons als grootste containeroverslagbedrijf in de Rotterdamse haven. Maar ECT moet die containers ook maar kwijt kunnen. Kijk ik naar de drie modaliteiten die de aan- en afvoer verzorgen naar de diverse Europese bestemmingen, dan slaat de angst mij bijna om het hart. Zo slibben de rijkswegen steeds meer dicht. Het wegtransport kan bijna geen moment meer vinden waarop de kans op file beperkt blijft. Hoe moet die dan de spectaculaire groei in het containertransport in godsnaam kunnen opvangen...? Ik zie het niet.

De binnenvaart. Moeten we daar dan maar de hoop op vestigen? Ja, een beetje meer containers over het water van en naar het Europese achterland moet kunnen. Van 35 procent nu naar 40 procent straks misschien. Maar ook die modaliteit heeft zijn eigen kwetsbaarheden zoals hoge én lage waterstanden op de rivieren. Dus dan zijn we er nog steeds niet.

De rail. Is dat dan onze reddende engel? Dat hóóp ik dus, want in principe is het een betrouwbaar alternatief voor de 2 andere modaliteiten. Van een schamele 12 tot 14 procent van al het containertransport van en naar de haven moet het spoor kunnen doorgroeien naar zeker 20 procent. Dat wordt nog een hele toer. Maar we hebben toch de Betuweroute, hoor ik vaak. Zeker en die willen we ook goed gaan gebruiken. Maar daar zit ‘m nou net de kneep. Hoe krijgen we al die treinen verder de haven in en weer uit? En net zo’n bottleneck zit er aan de Duitse kant van de Betuweroute. Enige oplossing is een sterke centrale coördinatie, een centrale aansturing van het proces. Dat gebeurt immers ook in de luchtvaart. Dus waarom niet in spoorwegland? Want als alle vervoerders zelf een beetje gaan zitten rommelen, gaat er veel capaciteit verloren. Een slot in de dienstregeling gemist, betekent direct een vertraging van mogelijk uren. En zo’n vertraging werkt door, die haal je niet zomaar in. Zo’n trein houdt dan al die tijd een spoor bezet. En dat stuk railinfra kunnen we eigenlijk helemaal niet missen. Er zijn gelukkig wel enige initiatieven om deze problemen te tackelen, want de sense of urgency wordt inmiddels breed gevoeld. Dat gevoel wordt onderstreept door cijfers. Zo slaat ECT naar het spoor nu al 1.000 containers per week meer over dan een jaar geleden. Maar de verbeteringen móeten echt snel totstandkomen. Als we over minder dan 2 jaar onze Euromax-terminal full swing in bedrijf hebben, slaan we alleen daar al 1,2 miljoen containers per jaar over. Daarom moeten we  – uit alle macht - de bottlenecks in het railtransport zien weg te masseren. Anders verliest de haven zijn goede naam als dé Europese haven met zijn uitstekende achterlandverbindingen. Want zegt u nu zelf: zijn we met zijn allen niet heel dom bezig als we over pakweg 3 jaar de Betuweroute nog niet 100 procent vol hebben...?”

Jan Westerhoud
algemeen directeur ECT