Kansen voor railterminal op Lage Weide Utrecht

Bron: Bonder Recycling en Overslag B.V.

Maandag, 7 april 2014

Kansen voor railterminal op Lage Weide Utrecht

216 hectare groot, honderden bedrijven en tienduizenden arbeidsplaatsen… je zou zeggen groot genoeg voor een railterminal. Maar op industrieterrein Lage Weide in Utrecht wordt nog maar mondjesmaat gebruik gemaakt van het spoor. ‘Port of Utrecht’ – een samenwerking tussen bedrijfsleven, gemeente en brancheorganisaties – stimuleert het multimodaal gebruik van Lage Weide en de omliggende regio. Deze organisatie heeft het adviseurs- een ingenieursbureau Logitech uit Driebergen, gevraagd om een onderzoek uit te voeren naar de kansen en mogelijkheden om het spoorgebruik te vergroten.

‘We kijken naar twee aspecten’, legt Jacques van Wees van Logitech uit. ‘Welke goederenstromen komen in aanmerking voor een modal shift van weg naar spoor en op welke wijze kunnen de partners dit realiseren?’ Lage Weide lig pal naast de spoorbaan Amsterdam – Utrecht en kent twee aansluitingen op het industrieterrein. De eerste leidt naar het spooremplacement Atoomweg en kent diverse fabrieksaansluitingen. De tweede aansluiting betreft een verbindingsspoor naar het bedrijf Bonder Recycling en Overslag, dat zich bezig houdt met up-cyling (opnieuw bruikbaar maken) van minerale reststromen (oude spoorballast) en op- en overslag voor ProRail. Verder beschikt deze locatie over een eigen haven aan het Amsterdam-Rijnkanaal. ‘We moeten het doen met deze bestaande aansluitingen anders lopen de kosten al gauw in de miljoenen. En dat is niet de bedoeling’, aldus Van Wees.

Mental shift
Voor de gemeente Utrecht is het belangrijk dat er een verschuiving in de ‘modal shift’ optreedt: van vervoer over de weg naar vervoer over het spoor en het water. Voorwaarde is wel dat deze milieuvriendelijke vervoersalternatieven ook concurrerend zijn ten opzichte van het wegvervoer. Het spoor wint het bijvoorbeeld op punten van de vrachtwagen als afstand, veiligheid, grote volumes en CO2-uitstoot zwaar meetellen. Van Wees: “Logitech kijkt dus met name naar import- en exportstromen, grote binnenlandse volumes en bijvoorbeeld naar de aanvoer voor grote distributiecentra als van de HEMA, de WE en Lays op Lage Weide. Voor alles is het zaak dat de ondernemers van Lage Weide ook warm gaan lopen voor het spoor. Maar dat is een kwestie van ‘mental shift’.

Workshops
De railgoederenwereld is niet meer dezelfde als 10 jaar geleden. Nadat er concurrentie op het spoor is gekomen, hebben er vele positieve veranderingen plaatsgevonden. Daarom organiseert Port of Utrecht in het kader van dit onderzoek twee workshops voor de bedrijven in Lage Weide. Maar ook andere bedrijven die in de nabije omgeving liggen, kunnen baat hebben bij de nieuwe railterminal. Denk hierbij aan chemiereus BASF die in De Meern flink uitbreidt. Voor hen kan het meespelen dat het goederenvervoer per spoor een heel veilige vorm van transport is. Van Wees: ‘Kortom, als er draagvlak ontstaat en er zich voldoende goederenstromen aandienen, is het zaak om – waar nodig – organisatorische of technische aanpassingen te doen om meer gebruik van het spoor mogelijk te maken. Een extra spoorterminal kan dan wenselijk zijn. Daarvoor zullen we dan wel een particuliere uitbater moeten vinden. De Port of Utrecht kan optreden als katalysator van dit hele proces.’

Postzegelniveau
Ook Carel Robbeson – onafhankelijk adviseur bij Railtrade – ziet een railterminal op Lage Weide wel zitten. Hij wijst erop dat het project niet teveel moet focussen op plaatselijke winstpuntjes als minder lokale vrachtwagenkilometers. ‘Milieuwinst haal je niet op ‘postzegelniveau’. Kijk op nationaal of Europees niveau. Milieuwinst én prijsvoordeel pakt de trein met name op de langere afstanden’, aldus Robbeson.
Vervolgens ligt de vraag voor wat voor een type terminal in Lage Weide het beste past. Een tweede Utrechtse containerterminal ligt niet voor de hand. Robbeson: ‘Veel inlandse containerterminals kunnen hun hoofd moeilijk boven water houden. Laat dat een waarschuwing zijn. Nee, ik stel voor om een Railport te bouwen. Dat is een combinatie van een overslagterminal en een logistiek centrum. In Tilburg en Veendam staan de eerste twee Railports van Nederland en die draaien heel goed.’ Hier kunnen zowel complete bulkladingen (zand en grind), diverse wagonladingen als deelladingen worden overgeslagen van vrachtauto’s op de trein en het binnenschip. Maar er is ook ruimte voor overslag van bijvoorbeeld enkele rollen staal of pallets. Bovendien bieden Railports aanvullende, logistieke diensten.

Kijkshop
De transportwereld moet nog beter inspelen op de trend van het ‘on line shoppen’, meent Robbeson. ‘We moeten niet meer alle spullen bij elke winkel om de hoek brengen maar gebruikmaken van grote warehouses van waaruit de fijndistributie naar de klant thuis plaatsvindt. Daarom heeft Robbeson veel waardering voor de vooruitziende blik van de man achter de ‘Kijkshop’-formule: laat op een paar plekken je product zien en regel vervolgens de aankoop via internet plus de logistieke afhandeling vanuit centraal gelegen warehouses. Daarmee was Kijkshop in feite de voorloper van het ‘on line shoppen’. Robbeson: ‘De kansen voor het spoorvervoer liggen bij de bevoorrading van die warehouses. Vooral als die producten van ver uit Europa komen, is spoorvervoer erg kansrijk.’