Een goed `oecumenisch huwelijk’

Voorlichtingsbureau Shortsea Shipping en Rail Cargo Information Netherlands werken sinds 1 januari 2006 nauw samen vanuit een gezamenlijke huisvesting in Hoogvliet. De voorzitters, respectievelijk Jan Hordijk en Paul van Lede, leggen uit waarom.

Een oud Nederlands gezegde luidt `twee geloven op één kussen, daar slaapt de duivel tussen.’ Geldt dat ook niet een beetje voor het `huwelijk’ tussen beide voorlichtingsbureaus, die zich immers ieder op een geheel eigen deel van de markt bewegen? De voorzitters schudden van nee. Paul van Lede, in het dagelijks leven adviseur van bestuur en directie van Nederland Distributieland, en Jan Hordijk, vice-president liner agencies van de Royal Burger Group, vinden dat er sprake is van een `goed oecumenisch huwelijk.’

Van Lede: “Om in de beeldspraak te blijven: er zijn vele wegen die naar Rome leiden. Als je ziet hoe sterk de ladingstromen de komende jaren zullen groeien, hebben we alle modaliteiten nodig om dat vervoer in goede banen te leiden. Samenwerking tussen onze beide voorlichtingsbureaus is een stap in de goede richting.”

Hordijk: “Shortsea Shipping is, net als Rail Cargo, in de praktijk al gewend om buiten het eigen terrein te kijken. Zodra de lading het land raakt, om het zo uit te drukken, moeten we een andere modaliteit inzetten: de truck of het spoor.”

Was niet-samenwerken tot nu toe een handicap voor de bureaus?
Van Lede: “Handicap is een groot woord. Wel kun je zeggen dat samenwerking de synergie zal bevorderen. Onze beperkte financiële middelen en onze medewerkers kunnen we efficiënter inzetten als we straks in één pand in Hoogvliet (Rotterdam) zitten.”

Hordijk: “Het wordt geen fusie of federatie, maar een intensieve samenwerking, mede op aanraden van het ministerie van Verkeer en Waterstaat. Ons bureau heeft, omdat het ouder is, wat meer ervaring. Waarom zouden we Rail Cargo opnieuw het wiel laten uitvinden?”

Rail Cargo, in de volksmond voorlichtingsbureau spoor, werd vorig jaar opgericht. Waarom?
Van Lede: “Het spoor stond in het recente verleden niet bekend als de meest klantvriendelijke modaliteit. Gevolg is dat veel verladers de trein hebben afgeschreven. Het spoor was bureaucratisch, inefficiënt, enzovoort. Daar is gelukkig een kentering in gekomen. Er zijn commerciële aanbieders op de markt verschenen, die de wensen van de klant zo goed mogelijk proberen te behartigen. Om aan die ommezwaai in ruime kring bekendheid te geven, hebben we een loket geopend: Rail Cargo.”

Hoe promoot Rail Cargo het spoorvervoer?
Van Lede: “Door beurzen en bedrijven te bezoeken, door presentaties te verzorgen en één-op-één-gesprekken te voeren. En dan is er onze website. Daar zijn voorbeelden te vinden van bedrijven die uitleggen waarom ze van het spoor gebruik maken. Dat zijn praktijkvoorbeelden waarmee we mensen wellicht kunnen overtuigen.”

Minister Peijs van Verkeer en Waterstaat, een van de initiatiefnemers van Rail Cargo, voorzag bij de oprichting een groei van het vervoer per trein van viereneenhalf miljard tonkilometers nu tot zeven à twaalf miljard in 2020. Onder de indruk?
Van Lede: “Deze cijfers zijn niet spectaculair. Van levensbelang voor de groei van het goederenvervoer per spoor is de aanleg van de Betuweroute. Pas als die in bedrijf komt, is het Nederlandse spoor een internationale modaliteit die aansluit op een Europees netwerk. Eerlijk gezegd kun je het spoor, afgezien van container shuttletreinen, op dit moment nog geen concurrerende modaliteit noemen. Het marktaandeel is vier à vijf procent. Dat kan wat mij betreft stukken hoger.”

Hordijk: “Toen het spoor zijn populariteit verloor, stortten vervoerders en verladers zich massaal op de auto. Maar zoals iedereen weet: de wegen slibben dicht, de brandstofprijzen rijzen de pan uit en de Maut maakt het rijden op de Duitse autobahn tot een kostbare zaak. Bovendien worden de bepalingen steeds strenger. In sommige landen mag je met bepaalde lading in het weekeinde niet meer rijden.”

Dus blijft eigenlijk alleen shortsea over als redelijk alternatief?
Hordijk: “Dat is een beetje te kort door de bocht. Wat ik bedoel te zeggen is dat we de sector duidelijk moeten maken dat er alternatieven zijn. We hebben elkaar nodig.”

Van Lede: “We zijn niet bezig de boterham van het wegtransport op te eten. In tegendeel. Het zou prachtig zijn als er uiteindelijk één voorlichtingsbureau zou komen voor alle modaliteiten: spoor, weg, binnenvaart en shortsea.”

Waardoor de concurrentie verdwijnt?
Hordijk: “Concurrentie houd je altijd, want de klant bepaalt uiteindelijk welke modaliteit hij gebruikt. Het is aan voorlichtingsbureaus om te laten zien welke mogelijkheden er zijn.”

Van Lede: “Sommige verladers willen uit milieu-overwegingen een deel van het transport over het water of via het spoor laten verlopen. Ikea is daar een goed voorbeeld van. Ook in dit soort kwesties kan ons nieuwe bureau een adviserende rol spelen.”

Rubrieken
Informatie
Publ. datum: 22 jan 2006
Gewijzigd: 16 jul 2007
Extra