Stel uw vraag
Geplaatst op 11-02-2013

Bundelen maritieme en continentale stromen essentieel

Inmiddels zijn wij de grootste private railgoederenvervoerder binnen Europa en zijn wij actief op een viertal markten, namelijk: maritiem, intermodaal, automobiel en (break)bulk. Een groot voordeel is dat wij eigen licenties hebben in Nederland, Duitsland, Zwitserland, Oosterijk, Denemarken, Zweden, Noorwegen, Frankrijk en Italië. Hierdoor kunnen wij op de gehele Noord-Zuid-as eigen materiaal inzetten en hebben wij meer controle op het proces. Door de inzet van multi-courante locs bieden wij bovendien heel concurrerende transittijden aan onze klanten.

Ondanks de crisis kenden wij in het afgelopen jaar zelfs een groei. Dit komt door onze sterke focus op continentaal vervoer. Het is onze ervaring dat veel traditionele wegvervoerders zoeken naar intermodale mogelijkheden, maar ze weten alleen niet hoe. Daarom is het belangrijk naast de wegvervoerder te gaan staan. Zo kwam ik recent nog bij een wegvervoerder die een set P400 trailers had aangeschaft, terwijl de hoogte van de lading slechts 2,0 meter was. Hierdoor beperkt een wegvervoerder zijn mogelijkheden in het aantal bestemmingen waarop die kunnen worden ingezet.

De crisis vraagt tegelijk om slimme logistieke concepten, waarbij het bundelen van maritieme en continentale stromen essentieel is. In samenwerking met European Gateway Services (EGS) van ECT hebben wij het afgelopen jaar een nieuwe dienst opgezet naar Nürnberg. Door de crisis bleven de verwachte volumes echter uit. Je wordt dan wel genoodzaakt je horizon te verbreden.

In de eerste plaats hebben we er daarom voor gekozen de treinen op te splitsen, waarbij een deel rechtstreeks doorrijdt naar München. Door de concurrerende transittijden (closing time 21:00 uur dag A – ready for pick up 06:00 uur dag C) is dit vooral heel aantrekkelijk voor de continentale markt. Daarnaast bleek er geen rechtstreekse verbinding vanuit Antwerpen te zijn. Per barge komen nu containers vanuit de Antwerpen, Terneuzen en Vlissingen naar CTT Rotterdam in Pernis, waarna deze worden overgeslagen op het spoor. In plaats van 3 volle treinen per week, onderzoeken we momenteel de mogelijkheden de frequentie op te voeren naar 5 keer per week.

Om in tijden van crisis het hoofd boven water te houden als spoorvervoerder moet je wel op zoek gaan naar slimme en flexibele oplossingen. Wat mij echter opvalt is het hoge bureaucratische gehalte in de spoorsector. Dit gaat ten koste van de flexibiliteit.’

Thom Derks, TX Logistik

Thom Derks, Business Development Manager Benelux TX Logistik